Vuurtorenwachters Brandaris blijven

De vuurtorenwachters op de Brandaris op Terschelling en de vuurtoren van Schiermonnikoog blijven op hun post. Staatssecretaris Atsma van Infrastructuur en Milieu heeft het plan van een centrale zeeverkeerscentrale vandaag definitief afgeblazen.

In 2009 begon Rijkswaterstaat met de voorbereidingen voor een centrale zeeverkeerscentrale op Terschelling. Deze centrale moest de taak overnemen van de laatste bemande vuurtorens op het Wad, die van Terschelling en Schiermonnikoog. De vuurtorens zouden uitgerust worden met camera’s en extra radars om het menselijk oog te vervangen. Het scheepvaartverkeer op de hele Waddenzee zou dan vanuit één ruimte op Terschelling aangestuurd worden.

Vuurtorenwachters klaagden al eerder over die nieuwe apparatuur, die kon volgens hen nooit nauwkeurig genoeg zijn. Zo zou je op camera niet helder genoeg kunnen zien of schepen elkaar net passeren of op een ramkoers liggen. Ook vanuit de maatschappij kwam er veel kritiek op het plan, met initiatieven als reddebrandaris.nl als gevolg.

Eind 2010 besloot Atsma al het menselijk toezicht overdag te handhaven, omdat volgens de staatssecretaris destijds “Een beginnende duinbrand, verboden kampvuren en surfers in de problemen eerder worden waargenomen door het menselijk oog dan een camera”.

Atsma besloot maandagmiddag om het plan definitief af te blazen en de vuurtorens van Terschelling en Schiermonnikoog 24 uur per dag bemand te houden. Er kunnen geen camerasystemen geleverd worden die aan alle gestelde eisen voldoen. “Met het oog op de veiligheid op zee en op de Waddeneilanden, accepteer ik geen onnodige risico’s. De veiligheid van het scheepvaartverkeer, van mens en natuur staan voor mij voorop”, aldus de staatssecretaris. Hiermee lijkt het beroep vuurtorenwachter definitief gered van de ondergang.