EVT vangt bot bij Raad van State

De Rederij Eigen Veerdienst Terschelling (EVT) ving woensdag bot bij de Raad van State. De Raad was het in drie verschillende door de EVT aangespannen zaken eens met eerder door de rechtbank gedane uitspraken en stelde daarmee de Terschellinger rederij in het ongelijk.

De rederij krijgt, evenals eerder van de rechtbank, ook van de Raad van State geen gelijk in twee zaken (1, 2) rondom ligplaatsen in de haven van Terschelling. De EVT wilde graag gebruik maken van onder andere de plek waar de snelboot van concurrent Doeksen aanlegt, maar het college van Terschelling verbood dit. Ook weigerde de gemeente toestemming te geven aan de EVT om passagiers te mogen laten in- en uitstappen aan andere plekken aan de kade. De Raad van State stelt dus in beide zaken de gemeente Terschelling in het gelijk.

Ook ging de EVT in hoger beroep tegen een dwangsom die het college van B en W van Terschelling de rederij in september 2009 oplegde. Het college verbood de EVT passagiers te laten in- en uitstappen vanaf de vaste ligplaats van de Stortemelk, aan de steiger in de Kom. Het college legde een dwangsom op van €3000 per overtreding, met een maximum van €100.000. De rederij spande een rechtszaak aan, maar rechtbank gaf de gemeente Terschelling gelijk. De Raad van State bevestigde dit woensdag nogmaals.

De EVT betrok onder andere Europese regelgeving in de behandelde zaken, zoals een verdrag rond vrij verkeer van diensten, maar volgens de Raad van State zijn deze in deze, puur binnenlandse zaken, niet van toepassing.