Geen versnelde behandeling veerbootkwestie

Een uitspraak in de zaak rond de veerbotenoorlog is voorlopig nog niet in zicht: het CBb ziet geen aanleiding voor het aanvragen van een versnelde behandeling door het Europese Hof van Justitie. Dat schrijft de Leeuwarder Courant vandaag.

De langlopende zaak rondom de veerbotenoorlog lijkt dus voorlopig nog lang niet tot een einde te komen. Op 24 mei 2011 gunde toenmalig minister van Infrastructuur en Milieu Schultz van Haegen de concessies voor de waddenveren voor de komende 15 jaar aan de zittende rederijen Doeksen  en Wagenborg. De Eigen Veerdienst Terschelling (EVT) tekende toen bezwaar aan tegen die beslissing.

In maart 2012 besliste de minister uiteindelijk dat de door de EVT geuite bezwaren ongegrond waren en gunde de concessie opnieuw aan de zittende rederijen.

De EVT, Spathoek NV en Rederij Waddentransport tekenden vervolgens beroep aan bij het CBb in Den Haag. Een beslissing van het CBb is finaal en biedt verder geen enkele mogelijkheid meer tot een hoger beroep. In Nederland niet, maar ook op Europees niveau niet, omdat eerder al gerechtelijk vastgesteld werd dat de kwestie niet van Europees niveau is.

Het CBb heeft echter wel de mogelijkheid tijdens het proces te besluiten de zaak voor advies voor te leggen aan externe instanties. Dat deed de instantie in april van dit jaar, toen het bekend maakte de uitspraak in deze kwestie uit te stellen in afwachting van antwoorden op enkele vragen aan het Hof van Justitie van de Europese Unie in Luxemburg.

Na deze uitspraak van het CBb laaide de veerbotenoorlog, die in de periode daarvoor relatief tot rust was gekomen, opnieuw op. Ditmaal echter met een andere rolverdeling. Waar de EVT eerder vaak de confrontatie zocht (via de media), maar Doeksen vrijwel nergens op reageerde, hield de EVT zich nu stil en kwam het nieuws vooral van de kant van Doeksen.

De rederij maakte bekend met grote verliezen te draaien en het huidige niveau van service niet te kunnen handhaven als de situatie niet veranderde. Doeksen vroeg de staatssecretaris om compensatie voor onrendabele diensten en zei in horeca, openingstijden van de servicebalies en zelfs het personeelsbestand te moeten snijden.

Daarna liet Doeksen weten ook in de winsterdienstregeling te willen snijden, die zwaar verliesgevend is. Dit voornemen zorgde voor veel onrust (2). De commissie bootdiensten, die toestemming moet geven voor de wijzigingen in de dienstregeling, weigerde deze toestemming echter te geven. Op 5 juli aanstaande is er opnieuw een bijeenkomst van de commissie, mocht er daar geen beslissing vallen volgt waarschijnlijk een arbitrageproces. Zo’n proces kan wel negen maanden in beslag nemen, waarin geen wijzigen mogen worden aangebracht in de dienstregeling. Wethouder Teun de Jong zegt vandaag in de Leeuwarder Courant wel dat een onafhankelijk account aangetoond heeft dat er inderdaad financiële problemen zijn bij Doeksen, een belangrijke voorwaarden voor het wijzigen van de dienstregeling. “De cijfers laten zien dat er een onhoudbare situatie aan het ontstaan is”, zegt hij in de krant.

Half mei begon Doeksen een prijzenoorlog, een enkele reis ging €4 kosten, een euro minder dan concurrent EVT. “Het is heel simpel: door de afbraakprijzen van onze concurrent hebben we veel van onze reizigers verloren. Wij willen deze passagiers terug en hebben geen keus dan de concurrentie vol aan ten gaan”, gaf Doeksen-directeur Melles als verklaring. Die actie is ondertussen verlengt naar komende zomermaanden. Buureiland Vlieland begon daarna aan de bel te trekken, omdat ze daar bang zijn veel toeristen mis te lopen met alle gevolgen van dien. Alle stuntprijzen gelden namelijk alleen voor Terschelling, niet voor Vlieland.

Begin juni gaf staatssecretaris Mansveld in een brief met antwoorden op enkele kamervragen over de situatie aan het CBb te vragen om een versnelde behandeling bij het Europese Hof aan te vragen. De enige optie die ze naar eigen zeggen had om de situatie versneld op te lossen. EVT-directeur Erwin Rob gaf toen in de krant al aan geen belang te hebben bij een versnelde behandeling.

Begin deze week maakte de gemeente Terschelling bekend een brandbrief naar het ministerie van Infrastructuur en Milieu te sturen om een oplossing te vinden. De gemeenteraad zei bang te zijn dat de leefbaarheid op Terschelling en de eilander economie in gevaar komen.

Vandaag echter bevestigd woordvoerster Celeste de Wit van het CBb in de Leeuwarder Courant dat er geen versnelde behandeling bij het Europese Hof aangevraagd wordt. “Drie rechters hebben zich erover gebogen en binnenskamers een besluit genomen”.

Nu er geen versnelde procedure aangevraagd wordt, kan het antwoord van de Europese Hof en dus een oplossing in deze zaak nog zo’n anderhalf jaar op zich laten wachten.